Columns van Ab Krook Columns van Ingrid Paul Columns van Frank Woestenburg Columns van Ria Visser

Column Ria Visser: Juni 2009

Ria VisserJuni: vakantieplannen zijn gemaakt, vluchten geboekt, tickets in huis. Nog slechts enkele weken en dan is het tijd voor ontspanning, zon en gezelligheid. De zomer dient zich aan! Ook voor onze topschaatsers. Zwoegend en zwetend doen zij hun sightseeing op een van de Canarische eilanden, langs de Italiaanse kust en rond het trainingscentrum Papendal.

Voor wie het nog niet wist: het leven van topschaatsers bestaat voornamelijk uit trainen. Hun vakantieperiode duurt om en nabij de drie weken en valt medio april. In mei begint de hele trainingsopbouw weer van voor af aan. Eerst bestaan de trainingen voornamelijk uit duurlopen en fietsritten. In juni komt er de afwisseling: fietsen, lopen, kracht, skeeler en fitness. In juli wordt er zelfs een aantal weken geschaatst. In augustus en september is er geen ontkomen meer aan. Maximale concentratie en inzet is vereist om de trainingen te kunnen volbrengen. Volhouden en zonder kleerscheuren uit deze loodzware periode zien te komen, dat is de opdracht. Wie in deze periode de aansluiting mist, ziek wordt of geblesseerd raakt, houdt al bij voorbaat rekening met een verloren seizoen. Een Olympisch seizoen, wel te verstaan. En dat mag onder geen beding gebeuren. Maar het met succes bewaken van de grens tussen te weinig en te veel trainen is een gave. Om blessures in de maak en overtraining in de dop op tijd te onderkennen is een zesde zintuig nodig , want kennis en ervaring worden maar al te vaak eenvoudig op het verkeerde been gezet door ambitie en beroepsdeformatie. Er gaan slachtoffers vallen. Toppers, potentiële Olympische medaillewinnaars, die het Olympisch vliegtuig naar Vancouver gaan missen. Helaas.

Topsport is een ongezonde bezigheid, maar dat is het roken van een pakje sigaretten ook. Ieder zijn ding. Het gekke is dat een topsporter bij uitoefenen van zijn ongezonde bezigheid alle hulp krijgt van trainer, arts, fysiotherapeut en psycholoog om zowel lichaam als geest tot het uiterste te drijven. Terwijl de arme kettingroker het elke dag in z’n eentje voor elkaar moet zien te krijgen om zijn lichaam te kwetsen met die zestig sigaretten per dag. Een kromme vergelijking. Misplaatst. Mee eens. Maar als je twintig jaar na dato als voormalig succesvol sporter, en nog niet zó oud, niet eens meer in staat bent om een stukje hard te lopen, een rondje te schaatsen of een partijtje tennis te spelen vanwege twee kapotte knieën, dan is het niet zo gek om met gemengde gevoelens naar de zwoegende en zwetende topsporters te kijken. Gezondheid eindigt, waar topsport begint schreef Bertolt Brecht in de vorige eeuw.

Hoe zou het nu gaan met Paulien van Deutekom, Ireen Wüst, Cindy Klassen, Jeremy Wotherspoon, Mike Ireland en al die anderen die het afgelopen schaatsseizoen hebben ondervonden dat het bedrijven van topsport lang niet altijd een gezond lichaam oplevert? Zijn hun lichaam en geest inmiddels helemaal fit en gereed om de komende maanden opnieuw tot het uiterste te gaan? Of wordt er gesjoemeld omdat die Olympische Spelen nu heel dichtbij komen?

Toch zal ook ik juichend en klappend langs de Richmond Olympic Oval staan wanneer de gouden medaillewinnaar zijn of haar ereronde rijdt. Hup Holland hup! We are the Champions! Het liefst op alle schaatsdagen. Maar dan moet er nog bergen werk verzet worden. Sporters, begeleiding, wie ook verder: alsjeblieft wees verstandig, neem geen (te) grote risico’s, blijf heel! Met een mooie zomer en prachtige wintertijd in het vooruitzicht…

(c) 2009 LinkiT / Ria Visser

Reageer op dit bericht